Welkom

Welkom op de blog van het Land van de Regenboog. Op deze blog vind je wekelijks de tekst van de kinderliturgie tijdens de eucharistieviering van Sant Egidio, elke zondag om 17u in de Sint Carolus Borromeuskerk te Antwerpen.

Het Land van de Regenboog is een internationale beweging van en voor kinderen die zich willen inzetten om samen een betere en meer menselijke wereld uit te bouwen. Kinderen van 5 tot 12 jaar zijn welkom.


Meer info op de website van de gemeenschap van Sant Egidio.

13 november

Mal 3, 19-20b
Lc 21, 5-19

Nu het kerkelijk jaar naar zijn einde loopt, nodigt de liturgie ons uit om na te denken over “de laatste dingen”, over “de dag die branden zal als een oven”, zoals de profeet Maleachi schrijft.

Ook de lezing uit het evangelie volgens Lucas spreekt over “het einde der tijden”.
Maar de evangelist bedoelt hiermee niet instortende gebouwen en de ondergang van de wereld. Het betekent het einde van een bepaalde levensopvatting, van een werkelijkheid die niet overeenkomt met de gerechtigheid en het evangelie.

Daarom moet elke generatie van mensen opnieuw nadenken over het einde van die wereld waarin zij leeft, denkt en plannen maakt. Dat is de boodschap van de profeet Maleachi: “Weet wel: hij gaat komen, de dag die branden zal als een oven. Al degenen die God trotseren en al degenen die kwaad doen, zij worden kaf”, zij worden verbrand en er blijft niet meer dan een handvol as van hen over. Maar voor hen die Gods naam vrezen, gaat op die dag “de zon van de gerechtigheid op, die met haar vleugels genezing brengt”.

Deze woorden zijn ook voor onze tijd en voor onze manier van leven van belang. Dat is de kern van Jezus’ toespraak over het einde der tijden. Wij mogen ons echter niet laten vangen door een hysterisch eindevandewereldgevoel, alsof het over een actiefilm zou gaan.

Wat daarentegen wel nodig is, is een goed begrip van de problemen van onze tijd en van wat het evangelie van ons vraagt. De lezing uit het evangelie herinnert ons aan de radicaliteit in onze keuze voor het evangelie in onze tijd.

Dat was het ook waar Jezus zijn leerlingen attent op maakte. Jezus neemt als voorbeeld de pracht van de tempel in Jeruzalem, die de leerlingen met een gevoel van trots en zekerheid moet vervuld hebben, om zijn boodschap duidelijk te maken.

 In zo’n tempel vol marmer en praal vonden zij ongetwijfeld een soort garantie voor de toekomst van hun leven en dat van het volk van Israël. Maar Jezus zet hen met grote stelligheid aan het denken: “Er zal een tijd komen dat van alles wat u daar ziet geen steen op de andere zal blijven”.

Ontzet over deze uitspraak, die hun zekerheden op hun grondvesten doet daveren, vragen de leerlingen wanneer dat zal plaatsvinden. Misschien dachten zij dat het in een verre toekomst zou gebeuren, als het al zou gebeuren.

Jezus beantwoordt de vraag van zijn leerlingen niet, maar roept hen op tot waakzaamheid, om zich niet te laten verschalken, maar in tegendeel trouwe getuigen van het evangelie te zijn.

Ook onze tijd kent beslist zijn eigen moeilijkheden: denken we maar aan het ineenstorten van grote rijken en aan het toenemen van oorlog en terrorisme. Lijken deze tekenen – en we zouden er nog veel meer kunnen opnoemen – niet op de “’tekenen” waarover Jezus in het evangelie spreekt?

Deze woorden gaan niet over een verre toekomst, maar over onze wereld van vandaag. Er zijn vandaag ook streken waar christenen vervolgd worden. Jezus zegt: “Men zal u oppakken en vervolgen”. Bovendien zijn er ook niet-christelijke groepen die vervolgd worden. En denken we ook aan de droevige episoden van onverdraagzaamheid en racisme die zich telkens opnieuw in onze steden afspelen.

Ten aanzien van al deze gebeurtenissen zegt Jezus: Dat geeft u de gelegenheid om te getuigen”. Te midden van al deze onrustwekkende gebeurtenissen roept het evangelie de leerlingen op tot een moedig en vrijmoedig getuigenis.


Het is nu niet de tijd om te berusten, om alles op orde te krijgen, om compromissen te sluiten of om te redden wat er te redden valt. Het evangelie moet duidelijk op het gezicht van de christenen oplichten. In dit opzicht leven wij aan het “einde der tijden”, ’t is te zeggen in een tijd waarin wij ofwel als kaf in de oven verbranden ofwel opstaan voor een nieuwe dag.